Vietnam

Reis mee naar het 'Land van de rijzende Draak'

12min. leestijd

Zaterdag 22 juli: aankomst in Ho Chi Minh City 

We kwamen aan om 10.00u (5 uur verschil met Nederland). Na ruim 14 uur vliegen sloeg de klamme deken bij ruim dertig graden op Ho Chi Minh airport om ons heen en stonden wij in een totaal andere wereld. Nadat we geld hadden gewisseld liepen we naar buiten waar we meteen iemand zagen wapperen met een stuk papier met ”Spilling 2x”. Het was de taxi chauffeur die ons naar het Saigon Royal hotel bracht. Spoedig ontdekten wij dat er maar één verkeersregel geldt in Vietnam en dat is geen verkeersregels. We reden links terwijl volgens de boeken het verkeer in Vietnam gewoon rechts behoort te rijden, maar algauw bleek dat wanneer je nu maar links rijdt je in elk geval naar rechts kunt uitwijken en dat gebeurde dan ook zeer frequent. De hoeveelheid brommers en auto`s, allemaal claxonnerend op zijn indringendst, is niet te beschrijven en wij hebben dat ook niet meer geprobeerd. Het vreemde is dat je geen moment angst hebt dat het verkeerd gaat, want het gaat gewoon goed. Niemand schijnt uit te kijken, maar van opstoppingen is bijna geen sprake. Tevens zie je dat mensen het blijkbaar de chaos heel normaal vinden, want men irriteert zich niet. Gewoon rustig blijven voor alle verkeer en voetgangers is het motto, dan verloopt alles prima. Onvoorstelbaar!!

De rit van de luchthaven naar ons hotel mag dan hectisch genoemd worden, we werden wel keurig voor de deur afgezet en allerhartelijkst ontvangen door onze agent. We kregen onze vouchers voor de komende hotels en bus tickets overhandigd. Het Saigon Royal hotel, een middenklasse hotel had prima kamers en was voorzien van badkamer, toilet, airco en tv. Even een oase van rust om bij te komen van de lange reis. Toch benieuwd naar deze wonderlijke stad en na wat gerust en gedoucht te hebben, zijn we ons gaan storten in het uitzoeken van een restaurant. We besloten een koele plek te zoeken en aten onze eerste Vietnamese noodlesoup bij Pho24. Na het eten werden we aangesproken door een Cyclo-list (riksja-man). De soep was warm, maar onze eerste onderhandeling met hoeveel we wilden betalen voor een rit en zelfs een hele dag morgen maakte je wel nog warmer. Enfin, we dachten een goede deal te hebben gemaakt en dan is het gewoon genieten van een eerste korte tocht richting de Saigon rivier, door de verkeerschaos. Onze eerste confrontatie met het werkelijke Vietnam.

Zondag 23 juli: citytour door Ho Chi Minh City 

Zoals afgesproken stonden Huang en Tam ruimschoots voor 09.00u voor ons hotel klaar met hun cyclo’s en de citytour door Ho Chi Minh stad kon beginnen. We hebben veel highlights van de stad bezocht, zowel pagodes als musea. Vooral het War Remnants museum was zeer indrukwekkend en het is onvoorstelbaar zoals de Vietnamees reageert op deze gruwelijke oorlog. Geen rancune, geen haat en vooral niet omkijken naar wat er is gebeurd, maar vooruit zien naar wat er allemaal gaat gebeuren. Deze oorlog wordt door de Vietnamezen `The American War` genoemd. Buiten het museum staat een kleine verzameling bommen en een helikopter. Binnen hangen foto`s van alle gruwelen die in de oorlog hebben plaatsgevonden. Het was goed dat we er enigszins op voorbereid waren, want de foto`s laten niets aan je fantasie over. Het symbool van het einde van de Vietnamoorlog is het Reunification Palace.

Ho Chi Minh City heette oorspronkelijk Saigon, maar na de hereniging met het noorden in 1975 wijzigden de communistische autoriteiten de naam naar de leider Ho Chi Minh die zich als eerste verzette tegen de koloniale overheersing in de jaren twintig en dertig. Bij de plaatselijke bevolking is nog steeds de naam Saigon in zwang, alleen in officiële papieren en op publicaties wordt de naam Ho Chi Minh gebruikt. Veel van het leven speelt zich op straat af, vooral in het centrum bij de rivier en in Cholon, Saigon’s Chinatown. Er zijn ongelofelijk veel brommertjes en cyclo`s en weinig auto`s. Overal zijn markten stalletjes met eten en restaurantjes. Af en toe lijkt het wel of de Vietnamezen altijd maar aan het eten zijn.

In Saigon leven vele `illegale` Vietnamezen. Vaak zijn dit mensen die tot 1975 in de stad woonden, maar na de bevrijding geen vergunning meer kregen om in de stad te blijven wonen. Door de jaren heen zijn veel van deze mensen toch teruggekeerd en leven nu op straat, vaak zijn zij de cyclo-list. De stad is ingedeeld in 17 stadsdistricten en 5 plattelandsdistricten. De stadsdistricten zijn onderverdeeld in nummers. Zo is er bijvoorbeeld district 1, het eigenlijke centrum van Saigon en district 5, Cholon. Deze nummers staan vaak aangegeven op de huizen, zodat je makkelijk op de kaart kan vinden waar je bent. Cholon is de Chinese wijk van Ho Chi Minh City. Letterlijk betekent Cholon `grote markt`. Het is een bruisende wijk, vol met leven op straat. Er wordt overal volop handel gedreven. Een bezoek aan de Binh Tay markt, vlakbij het busstation, is zeker de moeite waard.

Maandag 24 juli: een dag naar de Mekong Delta 

Om 08.00u vertrokken we naar de Mekong Delta; het groenste en waterrijkste deel van Vietnam, een wirwar van grotere en kleinere riviertjes waarvan de Mekong de hoofdader is. We maakten hier een boottocht door deze kleine kanalen en riviertjes. Ondanks de berichten dat hier enorme overstromingen zijn vertelde onze gids dat wij daar geen last van zullen hebben. We bezochten een aantal eilanden en werden onthaald met heerlijk eten en drinken soms omlijst met live optreden van de plaatselijke bevolking. Onze gids wist ons veel over de cultuur en levenswijze van de bevolking te vertellen en vooral het varen over de smalle doorsteekjes was zeer indrukwekkend. We hadden verschrikkelijk mazzel met het weer. We bevonden ons namelijk in de regentijd. En áls het regent dan regent het ook écht. Doch de buien die we kregen, vielen netjes op de tijden dat we ergens binnen waren. Héél uitgekiend! Om 18.00u werden we bij het hotel afgezet, klam, moe maar voldaan. Die avond via het welbekende Lonely Planet boek de backpackersbuurt opgezocht, waar we bij de het Bodhi tree restaurant een vegetarische maaltijd aten.

Dinsdag 25 juli: per bus naar Nha Trang 

Een reisdag, namelijk een 11 uur durende busreis naar Nha Trang. We overnachten in het Vien Dong hotel, een oud hotel met een goede ligging in het centrum, aan het strand met een zwembad en tennisbaan. Het personeel is aardig en behulpzaam. Vooral toen we besloten om de busreis in te ruilen voor een lokale boottrip en een vlucht te boeken naar Danang om vandaar naar Hoi An te reizen.

Woensdag 26 juli: Nha Trang 

Uiteraard heeft Nha Trang een aantal tempels en gebouwen, maar Nha Trang is vooral ideaal voor strandliefhebbers (als het niet regent). Het strand is kilometers lang, er staan palmbomen en overal zijn restaurantjes waar je een ruime keuze hebt aan vis en schaaldieren. Leuk was dat langs het strand een kilometers lang pad loopt, waar we heerlijk konden wandelen. We huurden twee motortaxi’s en bezochten de Cham torens van Po Nagar. Deze torens zijn de belangrijkste monumenten van Nha Trang. Van de 8 torens die Hindu-aanbidders tussen de 7e en 12e eeuw bouwden zijn er nog maar 4 over. De renovatie is volop aan de gang, zodat ze iets van hun oorspronkelijke kleur en schoonheid terug krijgen. De Torens liggen op een heuvel zodat je een goed uitzicht hebt over de stad en de haven met zijn vele blauw gekleurde bootjes. Een fijne uitvlucht voor ons die alles behalve strandliefhebbers waren. Koelte als je achter op een brommertje rijdt. Hitte als je stopte.

Donderdag 27 juli: Nha Trang 

Vandaag was het ”a perfect day”. We kunnen de dag niet beter beschrijven dan met dit citaat van Lou Reed. En dat i.p.v. weer een lange (nacht) busreis – een extra overnachting in het hotel en een heerlijk dagje op het water…. Om negen uur kwam een busje ons ophalen bij het hotel. Nadat we de andere deelnemers opgehaald hadden, reden we langs de statige Bao Dai villa`s naar de haven waar we inscheepten. Bij de eerste stop mochten we een uur snorkelen en zwemmen. Ons groepje van ca. 30 personen uit alle delen van de wereld amuseerde zich kostelijk. Het was een feestelijke sfeer en iedereen deed mee aangevoerd door de gids/komiek. We voeren nog een half uurtje verder en mochten toen aan tafel die gemaakt intussen was gemaakt van de zitbankjes. We zaten allemaal in een grote cirkel terwijl ze maar borden bleven brengen tot er bijna geen plaats meer was. Om een idee te geven van wat er allemaal op tafel stond: garnalen, krab, inktvis, tonijn, fish rolls en verschillende soorten gepaneerde vis. Dat alles ging samen met noedels, brood en rijst en werd op smaak gebracht met talrijke heerlijke sausen.

Het eten was nog niet helemaal gezakt toen de eersten in het water sprongen voor de Floating Bar waar we gratis wijn dronken. Je drijft rond of hangt in een reddingsboei en je kon zelf je wijntje bij de ”bar” halen. Onze drijvende barman zat zelf ook in een reddingsboei met een krat wijn en bekertjes. Tenslotte nog een uitmuntende fruitschotel met meloenen, mango`s, ramboetang, papaya, ananas, jackfruit, bananen en nog een aantal soorten fruit. En om de dag compleet te maken aten we bij de Sailing club een sjieke tent aan het strand. Zalig eten en drinken, voor Vietnameze begrippen duur, normale westerse prijzen.

Vrijdag 28 juli: vlucht naar Danang (Hoi An)

We werden opgehaald door een taxi die ons naar het vliegveld bracht, een uur rijden van Nha Trang. Met een propellor vliegtuig – met ruimte voor 72 mensen – vlogen we naar Danang waar we met een Frans stel een maxi taxi deelden. Onderweg stopten we even bij de Marble Mountains, vijf marmeren bergen. Richting Hoi An via een stukje ‘Highway No. 1’, een benaming die een grote snelweg doet vermoeden. In werkelijkheid is dit de weg waarover alle vervoer reist, dus ook handkarren, fietsen, tractoren en andere, soms wonderlijke, transportmiddelen. De route van vandaag is landschappelijk een hoogtepunt van de reis. De weg voert langs een prachtige kuststrook, waarbij je veel rijstvelden en kleine vissersdorpjes passeert.

Hoi An is een belangrijke rivierhaven, ongeveer 30 kilometer ten zuiden van Da Nang. Hoi An is een schatkamer van het verleden met ongeveer 850 oude woningen en straten die de sfeer van vroeger laten proeven. Er staat ook nog een hele blok Franse woningen met zuilen. De volledige stad werd door de Unesco uitgeroepen tot beschermd historisch erfgoed. Een stadje waar we ons gelijk thuis voelden. We hebben eindeloos gewandeld door de verborgen steegjes, bezochten de verborgen bronnen van de stad, passeerden verschillende familie tempels en schitterende tuinen. En we bezochten de verschillende ambachtplaatsen. Zijde productie, beeldhouwerij, kunstenaars, trade winkeltje (gerund door gehandicapten) lampionnen makers, kleermakers, weverijen, stofbewerkers enz. En de bedrijvigheid op de markt is heerlijk om naar te kijken.

Zaterdag 29 juli: bezoek aan de tempels van My Son in Hoi An

Vandaag hadden we een tour gereserveerd naar My Son, een tempelcomplex in de provincie Quang Nam, gebouwd tussen de 4e en de 12e eeuw. Het hindoestaanse heiligdom is een groot complex, bestaande uit meer dan 79 religieuze gebouwen, onder andere tempels en torens die onderling verbonden zijn door ingewikkelde ontwerpen van rode baksteen. Veel gebouwen zijn opgedragen aan Shiva, de stichter en beschermheer van de Champa-dynastieën. Het complex is onderverdeeld in 10 hoofdgroepen. Als eerste kom je bij groep C, dat bestaat uit 7 gebouwen. Het hoofdgebouw is gewijd aan Shiva, uitgebeeld als een mens. Groep B stamt ongeveer uit de 4e eeuw en het hoofdgebouw is opgedragen aan Koning Bhasravarman en Shiva. Een ander gebouw werd gebruikt voor het opslaan van heilige boeken en religieuze voorwerpen. In totaal zijn er 12 monumenten die, hoewel begroeid met planten, allemaal in vrij goede staat verkeren. Het hoofdgebouw van groep D was eens een meditatiehal, nu is het klein museum met een paar mooie Cham-stukken. Vanaf groep D kom je via een smal pad en een houten bruggetje over een beekje bij groep A. Hier stonden 13 gebouwen maar die zijn allemaal totaal verwoest door Amerikaanse bombardementen, omdat de Vietcong ze als basis gebruikte. Bomkraters van 10 meter doorsnee zijn nog zichtbaar. Volgens de archeologen waren dit de belangrijkste monumenten van My Son. De overige groepen zijn grotendeels overwoekerd en onbegaanbaar. In 1999 is het heiligdom van My Son opgenomen op de Werelderfgoed lijst van UNESCO.

Zondag 30 juli: naar Hué

Na wat hangen op een terras – vanwege de warmte en ”rommelige” maag – vertrokken we om 14.00 uur richting Hué, samen met een Nederlands stel Carlos en Helen. Het hotel in Hué was niet wat we ons ervan hadden voorgesteld. Het had een keizerlijke villa moeten zijn, maar het deed meer communistisch aan. Kaal, onpersoonlijk en weinig vriendelijkheid. Ach, de kamer was schoon. De stad Hué is de oude keizerlijke hoofdstad van Vietnam. Het keizerlijke paleis in de stad is een replica van de Verboden Stad in Peking. Tijdens het eerst Tet-offensief in de Vietnamoorlog is er in deze stad zwaar gevochten tussen Amerikaanse mariniers en het Zuid-Vietnamese leger aan de ene kant en de Vietcong en het Noord-Vietnamese leger aan de andere kant. Bij deze gevechten is het keizerlijk paleis grotendeels vernietigd. In 1993 is een aantal monumenten in Hué door UNESCO tot werelderfgoed verklaard. We belandden daarna bij “Stop and Go“. Een cafe/tourbureau waar Per zijn eigen springrolls mocht rollen en dippen in pindasaus. Lekker, zeker met een “tiger beer“ erbij en we boekten een tour voor de volgende dag met 2 motortaxis.

Maandag 31 juli: bezoek aan tempels & pagodes in Hué

Om 8.30u stonden Thien en een collega al op ons te wachten, onze chauffeurs voor vandaag. We steken de brug over en rijden naar de Thien Mu Pagode. Thien vertelt in verstaanbaar Engels over de geschiedenis van de tempel, en over de godsdienstbeoefening in Vietnam. De pagode telt 7 “verdiepingen” met Chinese rozetten. Ernaast staan bijgebouwtjes met een grote klok en een schildpad, het symbool voor het lange leven. De eigenlijke tempel is meer naar achteren gelegen en is deels in verbouwing. Een mooie tempel in Chinese stijl. Een groepje, zeer mooi geklede Vietnamezen was bezig met een speciale ceremonie. We namen rustig de tijd om de tempel te bekijken. We passeerden vervolgens verscheidene tempels (één waar we een lunch ceremonie in een monniken klooster bijwoonden) Na ca. 20 kilometer stonden we bij een pagode plotseling voor de toegangspoort van een geweldig grote landschapstuin. Wat een prachtige aanblik! Talrijke bouwsels, bronzen urnen, waterpartijen en overal planten en bloemen. Na de toegang betaald te hebben, liepen we het park binnen en kwamen weldra bij de tombe van keizer Tu Duc.

Het was er van een verstilde schoonheid. Het totale complex bestond eens uit zo`n vijftig gebouwen. Aan de aanleg en bouw ervan werd gedurende drie jaar door 3000 arbeiders gewerkt en het was klaar in 1867. Omdat Tu Duc geen erfgenamen had, was alles zo aangelegd dat het hem verpozing bracht tijdens zijn aards bestaan, en bovendien geschikt was voor het eeuwig leven na zijn dood. Daar nu, in de grote zaal van het Hoa Khiem paleis, ontdekten wij een aantal prachtige achterglasschilderingen. Dat klopte wel met het feit dat sinds het midden van de 18de eeuw achterglas gedurende meer dan een eeuw een bijzonder geliefde decoratie was in hofkringen van Europa en Azië. Hier hingen ze in de werkruimte van keizer Tu Duc hoog aan de zuilen. Het keizerlijke paleis in de stad is een replica van de Verboden Stad in Peking. Tijdens het eerst Tet-offensief in de Vietnamoorlog is er in deze stad zwaar gevochten tussen Amerikaanse mariniers en het Zuid-Vietnamees leger aan de ene kant en de Vietcong en het Noord-Vietnamees leger aan de andere kant. Bij deze gevechten is het keizerlijk paleis grotendeels vernietigd. In 1993 is een aantal monumenten in Hué door UNESCO tot werelderfgoed verklaard. We reden door dorpen en langs velden. Het was een geweldige tocht en we bedankten Thien voor deze dag.

01 03

Dinsdag 1 augustus: bezoek aan Hot Springs & per nachttrein naar Hanoi 

Vandaag een wat minder interessante dag. Via een ander restaurant hadden we weer een tochtje besteld. Korter, omdat we om 16.00u bij het treinstation moesten zijn om de nachttrein te halen naar Hanoi. We werden opgehaald om 09.30u om naar Hot Springs van Tanh Tan (zo`n 30 km ten noorden van Hue) te gaan. Leuk tochtje waar we Per en zijn rijder bijna kwijt raakten en waar deze speciaal voor de Vietnamezen, toeristische trekpleister voor ons niet veel voorstelde. Ook nog gezwommen in de hot springs met een temperatuur rond 30 – 40 gr. Je koelde daarmee nauwelijks af in de buitentemperatuur van 32gr! Na de lunch bij ”ons” cafeetje, begon het te stortregenen en moesten we noodgedwongen een taxi naar het station nemen, wilden we niet door en door nat worden. Met de nachttrein reisden we per ‘softsleeper’ naar Hanoi, met gereserveerde couchettes. We deelden onze couchette met 2 Vietnamezen die niet bepaald rustig waren. Verder wel een prettige manier van reizen.

Woensdag 2 augustus: aankomst in Hanoi, vrije dag 

We kwamen om 05.15u aan in Hanoi. Het station is een totale chaos, maar er staat altijd een taxi voor je klaar, ondank de enorme massa mensen. We hadden een prijs moeten afspreken, want de taxichauffeur gebruikte zijn meter en reed, bleek later, een aardig stuk om!! Toch genoten we van de stad. We waren vroeg en zagen langs het meer veel mensen sporten. Joggen, aerobic, badminton, volleybal. Jong en oud, voordat de werkdag begon. Ons hotel in het oude centrum was nog niet open, maar het duurde niet lang of een slaperig hoofd heette ons welkom en we mochten alvast naar onze kamer. Heerlijk… beetje slapen en lekker douchen…

Hanoi is met zijn meren, bomenrijke boulevards, kleurrijke markten, eerbiedwaardige pagodes en koloniale gebouwen een heerlijke stad! In de stad staan meer dan 300 bezienswaardige gebouwen. Veel gebouwen voeren terug naar gebeurtenissen, legenden en sagen. Heel fascinerend is het verkeer in en rondom Hanoi. Arbeiders, werknemers en ambtenaren komen uit de randgebieden en leggen vaak lange afstanden af op de brommer of op de fiets om naar hun werk te komen. Het verkeer brengt in de spitsuren een enorme verkeerschaos teweeg. Aan de zuidkant van het oude centrum lig het Hoan Kiem-meer. De tempel op het meer geldt als symbool voor de stad. Via een rood geverfde brug The Hue (Brug van de Rijzende Zon) liepen we naar het eilandje Ngoc Son (de Jadeberg), waar het monument van de schrijvers is geplaatst in de vorm van een kalligrafische penseel. Minstens zo fascinerend is het 35.000 m2 grote Ba Dinh-plein, waar Ho Chi Minh op 2 september 1945 de onafhankelijkheid proclameerde. Hier staat nu het mausoleum en het huis waar Ho Chi Minh vanaf 1958 woonde. Alleen waren we niet de enigen die dit complex kwamen bezoeken.

Na een heerlijk warme douche gaan we Hanoi verkennen. We wandelen door de gezellige oude wijk met smalle steegjes en kleine winkeltjes, smalle woonhuizen en een druk verkeer van fietsers en brommers. Dit is het oudste en dichtstbevolkste gebied van de stad. We slenteren door de wirwar van nauwe straatjes, in het Vietnamees hang genoemd. De straatnamen refereren aan de produkten die in die straten gemaakt en/of verkocht worden. Zo heeft men zich in Hang Dao helemaal gespecialiseerd in schoenen en in Hang Bac beitelen steenhouwers teksten op grafstenen. Bij het Hoan Kiem-meer, midden in het centrum van Hanoi, is het lekker rustig. Onder de bomen spelen oude Vietnamezen een potje schaak. Rond het meer staan een groot aantal hotels, restaurants en warenhuizen. Ook de mooie statige Franse villa`s ontbreken hier niet. Bij de bank kunnen we weer gebruik maken van een pinautomaat en even zijn we weer miljonair.

Donderdag 3 augustus: Hanoi verkennen, bezoek aan een waterpoppenshow & per nachttrein naar Lao Cai 

Het was heet en vochtig. Oftewel zweet weer… en toch op museum bezoek… Eerst naar de Tempel der Literatuur (Van Mieu). Het gebouw is onderverdeeld in 5 afdelingen die ieder een eigen, specifieke functie hadden. De eerste twee afdelingen hebben geen geschiedkundig belangrijke rol gespeeld. In de derde afdeling, het paviljoen (Khue Van Cac), droegen de geleerden hun gedichten voor. Verder gaand kwamen we via de Dai Thanh Mon poort op het Thien Quang Tinh plein. Hier liggen in een donkere hoek onder de bomen zerken waaronder de resten begraven liggen van de 117 afgestudeerden die tussen 1442 en 1779 slaagden voor het uiterst zware examen van bestuursambtenaar. Slechts weinigen hadden toegang tot de tempel zelf. Het laatste deel van de tempel is de Kai Thanh begraafplaats aan de Nguyen Thai Hoc straat, waar helaas niet veel van bewaard is gebleven. Vervolgens gaan we naar Het Ho Chi Minh mausoleum (Hang Ngang straat 48) werd tussen 1973 en 1975 uit van alle delen van het land afkomstige materialen gebouwd in de lelijke stijl uit de leninistisch/stalinistische periode. Het gebalsemde lichaam van Ho Chi Minh ligt in een kist met glazen deksel opgebaard, overigens tegen zijn eigen wens om gecremeerd te worden overeenkomstig de traditie van zijn land en volk. Het Ho Chi Minh Huis is een eenvoudig, typisch Vietnamees huis, waarin Ho vele jaren van zijn leven doorbracht. Het huis diende tevens als vergaderruimte voor de Revolutionaire Raad. Per heeft ook nog het Museum of Ethnology bezocht een mooi museum dat met Westers geld is ingericht met veel info over de 54 bergvolkeren die Vietnam rijk is!

`s Avonds brachten we een bezoek aan het Mua Roi Nuoc of waterpoppenshow. Het waterpoppenspel is een theatervorm die alleen in Vietnam voorkomt en het noorden is de bakermat. Wij hadden s’middags al kaartjes gekocht en dat is maar goed ook, want de voorstelling was snel uitverkocht. Er werd alleen Vietnamees gesproken en we begrepen er dus niets van, maar het was prachtig en soms zelfs komisch. Leuk om het gezien te hebben. De show werd met vuurwerk afgesloten. Na het eten en een kopje koffie weer naar het Hanoi treinstation, inmiddels in de stromende regen, waar we weer met een nachttrein reisden. De oude gammele trein raaste door de nacht naar Cao Lai (Sapa). We luisterden naar het gedender als we wissels passeerden, langs treinstations gingen en de schreeuwende food verkopers aan boord van de trein en naar het gesnurk van de Canadees die deze keer de couchette met ons deelde. Deze soft-sleeper trein lijkt een rijdende, ronkende en bonkende stad. Want als we via de smalle gangetjes langs de coupe’s liepen zagen we vrouwen met plastic tassen vol eten en fruit uit de stad, slapende kinderen op de smalle banken en mannen die hun laatste sigaret roken in de deuropeningen aan het eind van de wagons. We sliepen slecht.

Vrijdag 4 augustus: aankomst in Lao Cai, transfer naar Sapa & wandeling in de omgeving 

We kwamen aan op het station van Cao Lai en reden met een taxi in ca. 1 ½ uur naar Sapa. Toen we aankwamen was het rustig in Sapa. Op zaterdag was er echter een grote markt en dit was het hoogtepunt van de week. Uit alle hoeken van de streek kwamen verschillende stammen naar de markt om hun waren aan elkaar te verkopen. Er kwam echter niet alleen lokale bevolking naar de markt, ook buitenlandse reizigers en Vietnamese toeristen kwamen in grote getale naar Sapa. De lokale bevolking is gewend aan toeristen. Jonge meisjes en oude vrouwen in klederdracht volgen toeristen door het dorp. Ze willen armbandjes, tasjes en kleding verkopen en voor iedere foto vragen ze geld. De kleding hebben ze zelf gemaakt en zelf geverfd. Hun handen en onderarmen zijn blauw omdat de kleding behoorlijk afgeeft. Rond Sapa zijn prachtige bergwandelingen te maken. In de middag maakten we een wandeling naar Cat Cat, een dorpje van de zwarte Hmuong stam. De zwarte Hmuong dragen zoals de naam als zegt, voornamelijk zwarte kleding. Daarnaast kauwen vooral de ouderen ook nog op “betelnut“. Dit zijn zaadjes van de betelpalm, gerold in een blad. Het wordt op dezelfde manier gebruikt als pruimtabak. Het resultaat is donkerrode tot zwarte tanden.

Zaterdag 5 augustus: trekking naar lokale dorpjes in Sapa 

Helaas was het in dit hotel waar het noodlot toesloeg en Per een fikse ooginfectie opliep. Alsof er zand in z’n rechteroog zat. De ellende begon echt die nacht. Met iemand van het personeel die nacht op de motor naar een ”ziekenhuisje”, waar Per een antibioticakuur kreeg, zowel voor een directe behandeling (zalf) als in capsulevorm. We hebben ons laten informeren via Noorwegen over deze medicijnen en de voorgeschreven dosis. De medicatie was bekend, maar de voorgeschreven dosis was véél te hoog. Later begon ook het linkeroog. Geruststelling dat dit wel vaker voorkwam en maar 3 dagen zou duren. (Genezing duurde uiteindelijk 3 weken!) Per toch met de zonnebril op vanuit Sapa een kleine trek naar sommige dorpjes in de omgeving gemaakt. Het tochtje maakten we met Duc onze gids en voerde ons door spectaculaire rijstterrassen, naar dorpen van onder andere de Zwarte en Blauwe Hmuong en de Dao bergstammen. Duc maakte een heerlijke lunch in één van de dorpen. Later op de dag uitgeput door z’n opgezwollen ogen, moest Per slapen, maar hij had deze dag niet willen missen. Ingrid ging naar de lokale markt waar de zwarte Hmuong, de Zao en de Zay stammen hun zelfgemaakte artikelen aanboden. Met name op de bekende ”love market” kwamen ze van verre om elkaar te ontmoeten. Zeker voor ongehuwden was dit de plek om te flirten en misschien een toekomstige echtgenoot te leren kennen.

Zondag 6 augustus: transfer naar Lao Cai, per nachttrein naar Hanoi 

We werden ’s morgens weer opgehaald door een comfortabele taxi. Zo fijn het was om in zo’n taxi te zitten, was het een hel om per hardseat een 10 uur durende treinreis te maken naar Hanoi. Tien uur reizen met een trein is lang, maar tien uur op een houten bankje is nog veel langer! Toch gebeurd er van alles op zo’n trein en is het toch ook wel komisch om het allemaal mee te maken. Drukte, chaos, gigantische hoeveelheden balen bagage, verkoop van allerlei onbekend eten en een thee mannetje met een waterpijp. Een chagrijnige taxi chauffeur in Hanoi,omdat we deze keer wisten wat de prijs was, zette ons om 22.00u af bij het Van Xuan hotel, waar we warm werden ontvangen.

Maandag 7 en dinsdag 8 augustus: Halong Bay 

Vandaag moesten we vroeg opstaan (06.00u), want we werden weer opgehaald. Deze keer per minibus met een internationaal gezelschap en een Engels sprekende gids. Hier leerden we Urusla, Renhold en hun dochter Liza kennen, waarmee we de laatste 4 dagen zouden optrekken. In de stromende regen reden we richting Halong City, waar we per boot door de Halong Bay zouden varen. Jammer van het grijze weer, want dit volgende hoogtepunt is een verbluffend natuurgebied. Halong Bay ligt in het noordwesten van Vietnam. Vreemd gevormde rotsen rijzen hier op uit zee en geven, samen met de vissersboten, een prachtig panorama. Dit unieke natuurverschijnsel is door Unesco uitgeroepen tot Werelderfgoed. De boottocht was heerlijk, ondanks de buien die niet ophielden. We konden onze poncho’s goed gebruiken, voor tijdens het bezoek aan de machtig mooie druipsteengrotten van Hang Dau Go en op een vissersboot onder de rotsspleten in de bergketens. Cat Ba Island, grenst aan Halong Bay. We zouden hier 3 nachten zijn, maar besloten een dag langer in Hanoi te zijn voordat we vrijdag weer terugreisden naar Amsterdam. Er waren mogelijkheden voor trekkings op het eilend, maar gezien het weer en Per’s toestand sloegen we dat over. We troffen onze medereizigers van de boottocht (de Duitse familie en twee Mexicanen – Erica en Sergio) waar we een gezellige tijd mee hadden. Tevens ontmoetten we een Nederlands gezin die we gevolgd zijn met de zelfde reisorganisatie alleen liepen zij een dag vooruit.

Woensdag 9 augustus: terug naar Hanoi 

Het weer was prachtig, waardoor we Halong Bay in volle kleuren konden beleven. We voeren een halve dag richting Halong City, kregen een heerlijke lunch en eigenlijk té geprakt deze keer in een minibus terug naar Hanoi. Ons hotel (Van Xuan) was voor die nacht vol. Ze vonden het erg leuk ons weer te zien, ja we konden om 19.00u wel een kamer krijgen. Onze agent wist dit niet en had voor één nacht het Halong hotel geboekt. De bagage en vuile was konden we achterlaten. ’s Avonds een wat luxere maaltijd met z’n tweetjes.

Donderdag 10 augustus: Hanoi 

Per had andere plannen dan ik en zo hadden we een dagje op ons zelf. Per bezocht het Hanoi Hilton, de bijnaam voor de Hoa Lo gevangenis, een museum. Een gevangenis die zo genoemd werd door Amerikaanse gevangenen die hier een minder prettige tijd doorbrachten. Volgens de Vietnamezen viel dat erg mee en er zijn foto`s te bezichtigen die Amerikaanse soldaten (voornamelijk neergeschoten piloten) laten zien die een kerkdienst bijwonen. Overigens ligt de nadruk van het museum op de Vietnamese gevangenen gedurende het Franse bewind die een heel wat minder prettig verblijf hebben gekend. Indrukwekkend waren de twee guillotines. Volgens een kleurrijke, geplastificeerde folder die bij de entreeprijs [5000 dong] is inbegrepen: This head cutting-machine cut many patriots and revolutionists. Ingrid hield een shoppingdag. Een sport met afdingen van de prijzen. Stap één: kijk eerst goed wat je wilt hebben. Stap twee: praat over andere dingetjes (familie is belangrijk gespreks-item). Stap drie: reageer belangstellend, vraag een visitekaartje en schrijf de gevraagde prijs erop. Stap vier: bekijk de prijzen bij de verschillende winkeltjes en gebruik steeds de zelfde techniek. Stap vijf: kom terug bij de winkel met de goedkoopste prijs en begin dan af te dingen…. Het is heel normaal. Je betaald altijd tóch te veel, maar het blijft goedkoop. Nog een etentje met de Duitse familie en zo sloten we ons reis af.

Vrijdag 11 augustus: transfer naar de luchthaven, terugvlucht naar huis 

We konden rustig opstaan en ontbijten en gingen nog even op een stoepje zitten om het leven voorbij te zien gaan. Weemoed en eigenlijk nog lang geen zin om weer terug te gaan. Om 11.00u waren we gebeld door de agent en belden hem terug: of we het naar onze zin hebben gehad en of we nog vragen hadden en wenste ons een goede reis terug. Nog een een koffie bij het Tamarind restaurant waarna we om 11.30u werden opgehaald bij het hotel. De reis naar Nederland verliep vlekkeloos.